Meer
Publicatiedatum: 07-05-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Algemene technische uitgangspunten

Algemene technische uitgangspunten

Voorgesteld wordt bij de samenstelling van de Programmabegroting 2018-2021 de navolgende algemene uitgangspunten te hanteren:

 

IJkpunt

De programmabegroting 2018-2021 wordt opgesteld op basis van het tot en met de kadernota 2018 vastgestelde beleid c.q. meegenomen ontwikkelingen met inbegrip van de nieuwe geld kostende voorstellen, waartoe in het kader van de integrale afweging bij de besluitvorming rondom de kadernota 2018 is besloten.

 

Materieel sluitende begroting

Het streven (op basis van het College Resultaten Plan; CRP) is een structureel materieel sluitende meerjarenbegroting voor tenminste de eerste twee jaarschijven (i.c. 2018 en 2019).

 

Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)

De programmabegroting 2018-2021 wordt opgesteld conform de wet- en regelgeving Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV).

 

Aantal inwoners

Mede op basis van de bevolkingsprognose Gelderland 2016, door Provincie verstrekte prognose inwonersaantallen en aantal huishoudens en onze eigen inzichten wordt voor de begroting 2018-2021 uitgegaan van de navolgende aantallen inwoners per 1 januari:

 

Werkelijke stand
1-1-2017

2018

2019

2020

2021

Totaal aantal inwoners per 1-1

11.341

11.142

11.141

11.135

11.091

Waarvan jonger dan 20 jaar

2.346

2.400

2.350

2.300

2.051

Waarvan ouder dan 64 jaar

2.579

2.600

2.700

2.750

2.837


De bevolkingsprognose Gelderland 2014 loopt tot en met 2034.
De verwachting is dat:

  • de bevolkingsomvang van Gelderland minder hard zal groeien dan in de vorige prognose voorspeld werd;
  • de natuurlijke aanwas (geboortes minus sterftes) voor het eerst negatief zal zijn;
  • rond 2019 voor het eerst 1 op 5 Gelderlanders 65 jaar of ouder is.

     

    Aantal huishoudens

    Voor de raming van het aantal huishoudens hebben wij ons gebaseerd op de door de Provincie verstrekte gegevens van Primos (bron: Primos 2012 plus Trend).

 

Werkelijke stand
1-1-2017

2018

2019

2020

2021

Aantal huishoudens

5.121

5.270

5.310

5.310

5.321

 

Onvoorzien

De post onvoorzien wordt gesteld op een vast bedrag van € 15.000.

 

Rentepercentages

In de begroting 2018 worden mede op basis van de actuele rentetarieven van de BNG (mei 2016) de navolgende rentepercentages gehanteerd:
Financieringstekort (rentelast kasgeld 1 maand)  0,05 %

Financieringsoverschot (rentebaat deposito 1 maand)  0,00 %

Rente eigen financieringsmiddelen (bespaarde rente) 0,00 %

Rente lang geld (lang geld gelijk 25 jaar) 1,66 %

 

Algemene uitkering uit het gemeentefonds

De algemene uitkering uit het gemeentefonds wordt in de begroting 2018-2021 geraamd op basis van de meicirculaire 2017.

 

Algemene inflatiecorrectie

Ten aanzien van de in de begroting 2018 op te nemen ramingen wordt ten opzichte van de actuele ramingen 2017 uitgegaan van een algemene inflatiecorrectie van 1,6%. Dit inflatiecorrectiepercentage is gebaseerd op de Macro Economische Verkenningen 2017 (maart 2017) van het Centraal Plan Bureau (CPB). Het percentage wordt berekend op basis van de prijsmutatie overheidsconsumpties en de beloning werknemers. Het gemiddelde van deze indicatoren komt uit op 1,60%.  Voorgesteld wordt in de begroting 2018-2021 een inflatiecorrectiepercentage van 1,60% toe te passen op de inkomsten.


Belastingopbrengsten

Bij de raming van de opbrengst van de gemeentelijke heffingen wordt, m.u.v. de rioolrechten, de precario op ondergrondse kabels en leidingen en toeristenbelasting, rekening gehouden met een algemene inflatiecorrectie van 1,60%. De opbrengst van de rioolrechten wordt gebaseerd op het kostendekkingsplan VGRP. De precario op kabels en leidingen mag wettelijk niet worden verhoogd en blijft gebaseerd op het tarief 2016. De toeristenbelasting wordt niet elk jaar verhoogd met het inflatiepercentage. Jaarlijks zal worden gekeken of het tarief met € 0,05 kan worden verhoogd.

Salarislasten eigen personeel

Op basis van de Macro Economische Verkenningen 2017 en de daarin geprognotiseerde prijs overheidsconsumptie, beloning weknemers van 2,4% in 2018 wordt voorgesteld met dit percentage rekening te houden bij het opstellen van de begroting 2018.

Constante prijzen

De meerjarenramingen 2018 - 2021 worden gebaseerd op basis van het prijspeil per 1 januari 2018 in constante prijzen.

 

Kapitaallasten nieuwe investeringen

Bij de berekening van de kapitaallasten van nieuwe investeringen wordt voor wat betreft de rentecomponent uitgegaan van de begrote marktrente van lang geld te weten 1,66%. De afschrijvingslast wordt op basis van artikel 6 van de financiële verordening bepaald en begroot met ingang van het dienstjaar volgend op het jaar waarin de investering gerealiseerd wordt. In de eerste jaarschijf (jaar van realisatie) wordt bij de bepaling van het renteomslag–percentage een half jaar rente geraamd.

 

Aantal bijstandsuitkeringen

Het aantal bijstandsuitkeringen (maatstaf algemene uitkering) houdt rekening met de verlaging van het aantal uitkeringen zoals deze worden aangegeven in het plan van aanpak BUIG. De volgende aantallen worden voor de komende jaren begroot:      

 

 

2017
werkelijke stand
medio mei*

2018

2019

2020

2021

WWB

302

290

280

270

260

IOAW/IOAZ

27

27

27

27

27

BBZ

3

3

3

3

3

Totaal

332

320

310

300

290


* Het aantal van 332 is gebaseerd op het aantal unieke uitkeringen uit de BijstandsUitkeringenStatistiek (BUS) per 5-4-2017. In deze BUS staat ook een aantal genoemd van 386. Hierin zitten echter ook de echtparen. Echtparen tellen als 2 personen maar als 1 uitkering.


Subsidies en inkomensoverdrachten

In het BBV wordt nader onderscheid gemaakt tussen subsidies en inkomensoverdrachten. De subsidies en inkomensoverdrachten voor 2018 worden geraamd op basis van het niveau van 2017 waarbij geen inflatiecorrectie wordt toegepast, conform besluitvorming bij de Kadernota 2015 geldt dit voor de begrotingen van 2016, 2017 en 2018.

 

Stortingen in voorzieningen

De stortingen in de voorzieningen worden gebaseerd op de meest actuele beheersplannen, waarbij de dotatie aan de voorziening Vervangingsinvesteringen Riolering is gebaseerd op het spaardeel zoals dat is opgenomen in het vGRP. Voor de tarieven 2017 en 2018 wordt rekening gehouden met het amendement “Bestemming jaarrekening 2015”. Daarmee wordt het spaardeel in deze jaren niet ten laste van de tarieven gebracht.

Saldering reserves

De dotatie en onttrekking van enkele bestemmingsreserves gebeurt op begrotingsbasis budgettair neutraal (dotatie gelijk aan onttrekking) of op basis van een realistische planning (bestemmingsreserve kapitaallasten). Op rekeningbasis wordt op basis van het werkelijke saldo gedoteerd, dan wel onttrokken.

Het gaat hierbij om de volgende bestemmingsreserves:

  • bestemmingsreserve verkiezingen;
  • bestemmingsreserve gladheidsbestrijding;
  • bestemmingsreserve opleidingen personeel;
  • bestemmingsreserve kapitaallasten.

 

Toerekening apparaatslasten en urenverdeling

Apparaatslasten worden uitsluitend toegerekend aan producten. Uren worden dus niet aan kredieten en/of voorzieningen toegerekend. De urenverdeling zal in de begroting 2018-2021 worden verwerkt op basis van de meest actuele clusterplannen, rekening houdend met de wet- en regelgeving BBV.

Dividend

Het dividend wordt geraamd op basis van 90% van het gemiddelde gerealiseerde dividend van de afgelopen 5 jaar.